Lentetype

“Mijn béarnaise is geschift, hoe trek ik die recht?”

Mijn gebeden rond het uitproberen van verschillende jobs zijn verhoord. In de D-cursus krijgen we ‘alsof les’ van onze studiegenoten, die allemaal zeer exotische beroepen uitoefenen. De béarnaise werd helaas in een ander groepje rechtgetrokken, maar ik heb ondertussen wel al geleerd hoe je incontinentiemateriaal vlot aanbrengt, hoe je een marmereffect creëert bij het schilderen van – bijvoorbeeld – een kerk, hoe je je moet wassen vooraleer je een moskee betreedt (geen beroep), hoe je een goed compliment geeft (ook geen beroep, tenzij je Carol Dweck heet) en hoe je verschillende soorten puisten herkent (wel een beroep!).

Deze week legde de schoonheidsspecialiste ons uit hoe je een kleurentype vaststelt en welke make-up daar vervolgens bij hoort. Echt waar, crazy leuk. En wat dus opvallend was, ik bleek een lentetype te zijn. Had ik persoonlijk nooit gedacht. Ik associeer mezelf met zo’n beetje alles behalve de lente. Onschuld en eieren, ik moet ervan overgeven. Paasmaandag is voor mij de donkerste dag van het jaar. Hoezo feest? Maandag dient om te werken. Ik zet een familiefilm op, wacht tot iedereen is beneveld door vriendschap en bloesem en ga dan stilletjes met mijn laptop in de keuken zitten waar ik onafgebroken emails voorbereid die ik allemaal dinsdag om 9u verstuur. Boem!

Nee, geef mij maar de herfst. Sinds ik vijfentwintig jaar geleden heb besloten om roodharig te zijn, klopt het plaatje. Koperkleurige herfstbladeren, winderige eekhoorns. Dat ben ik.

Af en toe kwam er een barst in dat zelfbeeld. Bijvoorbeeld door kapper Simon: “Ik verf jouw haar niet zo rood.” Hij hield het in twee staarten omhoog en keek alsof hij een vlieg had ingeslikt. “Dat klopt niet bij je hoofd.” Hij vouwde de staarten afwisselend schuin over mijn gezicht. Bovendien word je dan een cliché. Ben jij een cliché?” Ik kreeg nauwelijks lucht. “Eh, ik denk het wel.” Hij tuitte zijn lippen en fronste. “Nèh, gaan we niet doen.” Ik bleef proberen, mijn identiteit stond op het spel. Er werden meer klantgerichte collega’s bijgehaald, de eigenaar kwam kijken (“geef mevrouw nu gewoon wat ze wil”), zelfs zijn ouders – die passeerden na een lunch in de stad – kozen partij in deze kopervete. “Trek je er niks van aan kind, die jongen is altijd al zo koppig geweest.” Simon gaf inderdaad niet toe. Ik huilde drie hennatranen en ben nooit meer teruggekeerd.

Maar ja, nu snap ik het. Ik ben geen herfsttype. Ik ben een lentetype! Waarom had Simon dat niet kunnen zeggen? Ik moet denken aan de hockeycoach die op tv getuigde dat vrouwen coachen zoveel vermoeiender is dan mannen coachen, omdat die enkel vooruitgaan als ze constant positief bekrachtigd worden.

Ik mag een cliché zijn, ik ga wél binnenkort langs bij Simon om daar de béarnaise recht te trekken. Niets houdt me tegen. Het is per slot van rekening bijna mijn seizoen.

Eén opmerking over 'Lentetype'

Geef een reactie

Gelieve met een van deze methodes in te loggen om je reactie te plaatsen:

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

Maak je website op WordPress.com
Aan de slag
%d bloggers liken dit: